Meer hulp Meldknop.nl Bel gratis en anoniem 0800 - 0432 of chat
13-18

Joepiedoedels verhalen

  • 22 augustus 2013
  • 18 reacties
  • 720 Bekeken

  • Anonymous
  • 0 reacties
Ik ben een verhaal aan het schrijven genaamd droomblad en die wil ik graag met jullie delen, dus ik ga hier af en toe een stukje posten. Het word geen lang verhaal.
laat vooral weten wat je er van vind.

18 reacties

Droomblad

Ik ben Lindy, ik ben 24 jaar en reis over de wereld door mijn passie voor planten, ik verzamel alle mooie, rare en speciale planten. Ik werd wakker om zes uur, zoals altijd op een zaterdagochtend want de tuinman komt zoals altijd mijn tuin verzorgen en ik help hem graag mee. Mijn tuin is erg groot en er staan veel grote en exotise planten die ik over de jaren verzameld heb, mijn lievelingsplant en nieuwste aanwinst is een droomblad van een heel klein eilandje zonder naam. De droomblad is een bijzondere plant met lange stengels waarop paarse spiraalvormige bladeren staan, de plant heeft volgens stamverhalen de kracht om een persoon zijn dromen te stelen en in zijn bladeren op te slaan, ik geloof er niet in maar het past bij de plant. Na mijn ontbijt trek ik mijn werkkleren aan en loop ik naar buiten waar de tuinman al bezig is om de heg weer mooi in vorm te knippen. Ik loop naar hem toe 'hé, hoe gaat het met de Droomblad?' Vraag ik 'een van de bloemen is helder geworden en heeft zich gestrekt', dat betekende volgens de stammen dat er dromen opgeslagen waren en dat de dromen langzaam verteerd werden en dus de eigenaar zonder dromen achterliet. Ik bedank hem vast voor zijn harde werk en beloof dat ik zometeen een kopje koffie voor hem klaar heb staan, dan loop ik gelijk naar mijn Droomblad toe, de Droomblad staat vlak voor het raam van mijn slaapkamer zodat ik de plant zie als ik s'avonds in bed leg en s'ochtens wakker word, zodra ik hem in beeld krijg zie ik wat de tuinman bedoelde, een van de voorheen spiraalvormige donkerpaarse bladeren heeft zich uitgestrekt naar de hemel en is helder, bijna lichtgevend, paars geworden. In het doorzichtige blad, die wel bijna twee meter lang is en op wonderbaalijke wijze rechtop blijft staan, kan je kleine bewegende lichtvlekken zien, de dromen die gevangen zijn. Als ik die avond in mijn bed lig blijf ik maar staren naar het uitgestrekte, fonkelende blad tot ik in slaap val.
Vat het niet persoonlijk op hoor, maar ik vind het een heel slecht verhaal.
Het zit vol met grammaticale- en spellingsfouten, ontbreekt aan interpunctie en ga zo nog maar even door.
Ik vind het onderwerp van het verhaal een beetje kinderachtig hoor, vooral voor een 15 jarige.
Ik ben inderdaad nogal slecht in spelling en grammatica, sorry daarvoor.
en hoe kan je oordelen over het verhaal met zo'n klein stukje?
Ik blijf in het diepe, ondoordringbare zwart staren voor ik toegang krijg tot mijn droom, het is hetzelfde als altijd. Ik loop met mijn hond Mike in het park en zie overal spelende kinderen op uitgestrekte grasvelden en bejaarden op houten parkbankjes die de eendjes aan het voeren zijn, ik heb een frisbee in mijn hand die ik om de zoveel tijd eens naar voren gooi om Mike bezig te houden. Hier verandert mijn droom, ik gooi de frisbee weer naar voren zoals altijd maar hij blijft hangen in een van de eikenbomen die langs het grindpad staan. Ik loop er naar toe om de frisbee uit de boom te halen maar op het moment dat ik de bosjes opzij duw om bij de boom te komen kijk ik recht naar beneden, geen waarschuwing, geen zichtbare rand, gewoon niks. Ik staar in diezelfde ondoordringbare duisternis die je ook voor en na je dromen ziet en ik deins achteruit ik kijk om en zie Mike recht op me af rennen, hij springt, ik val, ik kijk om en zie nog net hoe Mike de duisternis in springt en midden in de lucht doorboord word door een lange, sprankelende, paarse tentakel voordat de tentakel zich weer net zo vlug in de duisternis trugtrekt als dat die zich uitsloeg. Op dat moment verdwijndt de droom onder mijn voeten en ik stort de duisternis in. Zoals altijd als je valt in een droom schrik ik daar wakker.
Je kunt goed schrijven. Probeer alleen iets meer op alinea's en interpunctie te letten. Dan leest een verhaal een stuk makkelijker namelijk. Verder heb je wel talent voor schrijven zo te zien!
lig stil in mijn bed naar het plafond te staren als de wekker gaat. Het is alweer zeven uur, de tijd waarop ik op zondag altijd opsta. Ik sta op, doe mijn sloffen aan en loop richting de keuken ik vul de bak met hondenbrokken bij en maak ontbijt. Als ik smakeloos kauwend op mijn brood zit te kauwen en uit het raam kijk zie ik dat de droomblad een tweede blad heeft uitgestrekt naar de hemel. Dan valt me nog iets eigenaardigs op, het blad dat zich als eerste opgericht had, fonkelde niet meer maar had een zielloze, doffe kleur aangenomen. Ik nam me voor om de plant na mijn ontbijt maar even te bewateren. Zo gezegd zo gedaan, ik loop naar buiten en pak de tuinslang, ik draai de kraan open en sproei een straal water bij de wortels van de plant. Door de zon lijkt het net een kleine regenboog maar de kleuren verbleken bij het ontvouwde blad van de Droomblad. Door het sproeien spoel ik wat van de aarde rond de worels weg, mijn mond valt open en de tuinslang valt op de grond.
Jou eerste stukje dacht ik bij mezelf van, oke.. ik heb niet echt veel zin om dit te lezen, het is niet echt van "oh dit ziet er interessant uit, of hey het lijkt me een spannend stukje" de stukjes daarna werden wel beter. 

Zelf ben ik meer van spannende verhalen, en thrillers. Misschien kun je er meer spannende stukjes in doen ?

( Ik schrijf zelf ook een boek alleen kom niet verder dan iets van 5 bladzijdes.. )
Ik ben ook wel aan het proberen om het wat spannender te maken, maar ik ben ook bezig met een ander verhaal en eerlijk gezegd gaat daar iets meer energie naartoe
Waar ik verwachtte de wortels van de plant te zien zat een gat, niet gewoon een gat in de grond, maar een gat in wat het bestaan van de wereld leek te zijn, volledige duisternis. Ik pak een steentje en werp het naar de duisternis toe, zodra het steentje het "gat" raakt is het weg, geen plof geen lichtweerkaating van het reflecterende oppervlakte, niets. Ik loop naar de plant toe en graaf met mijn handen de aarde tussen de lange, paarse bladeren en het "gat" weg, er is geen overgang, er is duisternis en dan de dunne, diep paarse stengels, zonder waarneembare overgang. Ik deins achteruit zonder mijn blik van het "gat" af te wenden. Mike komt aanrennen, hij heeft de frisbee bij zich en gaat voor me zitten met een smekende blik in zijn ogen. Ik pak de frisbee en loop weg bij de droomblad, ik loop rechtstreeks naar het park, even spelen met Mike, even mijn gedachten op een rij zetten. De droomblad ving een droom, mijn droom brokkelt af, Mike is in gevaar, het "gat", het steentje. Ik gooi de frisbee, Mik rent erachteraan en hapt hem halverwege uit de lucht, hij rent terug en botst speels tegen me op, ik wankel en val om. Mike staat over me heen en likt me gezicht, zijn ogen!, ik staar in zijn ogen, de ogen die terugstaren behouden diezelfde duisternis als in mijn droom en als het "gat". Ik duw Mike van me af,en ren naar huis.
'Wat is er mis met Mike?' Denk ik zodra ik de tuin instorm. Zodra ik langs de droomblad ren houd ik stil. Er is nog een blad uitgestrekt en iemand heeft weer zand over het "gat" gegooid. Ik loop verder en plof op de bank. Ik sluit mijn ogen en omarm de duisternis. Ik loop weer door het park met Mike, zijn ogen zijn weer normaal. Ik gooi de frisbee, en Mike hapt hem uit de lucht. Ik gooi de frisbee en die beland in een boom. Ik loop ernaartoe omhem uit de boom te halen, ik duw de struiken opzij en staar weer in de duisternis. Ik voel een duw in mijn rug en val voorover, als ik opkijk zie ik Mike in de duisternis vallen en een tentakel schiet uit en doorboort het lichaam van mijn trouwe vriend. De wereld brokkelt af en ik val.
Ik word niet wakker. Er vormt zich een nieuwe, vreemde wereld om me heen. De bomen zijn omwikkeld met donkere mist, overal hangen en liggen lange, lichtgevende, paarse tentakels en Mike ligt op de grond. Ik loop op hem af en kniel bij hem neer. Langzaam staat Mike op, donkere mist krult om hem heen en de duisternis staat in zijn ogen, ik zie de bron van de mist, de donke substantie die als gas door de lucht zweeft lekt uit de wond in Mike's zij. De hond voor me trekt zijn lippen op en gromt diep en zachtjes.
De hond loopt laag bij de grond grommend om me heen, wachtend op het juiste moment om toe te slaan. Ik blijf als bevroren staan en staar in zijn ogen. Het spoor van dichte mist die het grommende beest achterlaat vormen zich tot scheuren in mijn droom, het diepe zwart erachter word steeds meer zichtbaar, uit de scheuren glijden de lange, sprankelende bladeren van de Droomblad. Een duw in mijn rug, klauwen in mijn schouders, de grond komt recht op me af en ik val er dwars doorheen in het diepe, donkere zwart. Mike springt van me af en valt net als mijzelf in het zwart. Ik kijk naar Mike, de wond in zijn zij is geheeld en er staat een blije blik in zijn ogen. We landen, op stevig zwart, en Mike rent rondjes om me heen. Tentakels schieten uit het duister en trekken me bij hem vandaan. Duister, niets dan zwart, geen tijd, geen plaats, alleen diep, donker zwart.
En dat was droomblad, het is kort omdat ik even iets anders wou schrijven dan Bloedbroeder.
Dan begin ik binnenkort met bloedbroeder hier posten 😃
Ok, hier zit ik dan in een grote zaal met iedereen die 13 is of word dit jaar. Vandaag begint de verdeling, dat is een reeks testen en aan de hand van hoe je die aflegt krijg je te horen in welke clan je word ingedeeld. Als je overleeft tenminste. Ja zo gaat dat hier, alleen de sterken overleven.

Ik ben Tzam. En de wereld waarin ik leef heet Ogroza in mijn taal vertaald " de stad der demonen" want dat zijn wij namelijk, Demonen. In onze wereld zijn wij net zo talrijk en machtig als de mens bij jullie. Wij zijn een oorlogszuchtig volk, en hebben al eeuwen ruzie met de draken. Alle demonen hebben één oerkracht die je kiest tijdens de verdeling.
Ik woon samen met mijn bloedbroeder Nia in Azori, dat is een klein dorpje vlak buiten de hoofdstad Omera. Wij zijn bloedbroeders geworden omdat wij ons bloed hebben laten mengen voor de wedergeboorte van mijn zusje die gestorven was, na haar wedergeboorte nam een andere familie haar in huis en hebben we nooit meer iets van haar gehoord. Nia's ouders zijn toen hij bloedbroeder werd verdwenen en een paar dagen later zijn hun lichamen gevonden.
Ik ben vorige maand 13 geworden, samen met mijn bloedbroeder Nia, en nu zitten we hier te wachten op onze test. Omdat we bloedbroeders zijn tellen wij als één persoon en mogen wij samenwerken om onze testen af te leggen. Na de testen krijg je te horen wat je word, een krijger, een magiër, een smid of misschien wel een jager, wat je word is gebaseerd op hoe je de test voltooid. Nia en ik zijn één persoon en komen dus ook allebei in dezelfde clan. Hier begint ons verhaal, vlak voor de test begint.
De test


'Tzam en Nia' word er omgeroepen. Ik kijk Nia aan 'wij zijn' Zegt Nia en hij staat op. 'Hoe kan hij zo rustig blijven' denk ik als ik ook opsta. Hij weet altijd precies de juiste dingen te zeggen en te doen, terwijl ik meestal maar wat op de achtergrond blijf. Samen lopen we naar de grote deur in de achterkant van de zaal, terwijl we er voor staan te wachten op het teken om naar binnen te gaan bekijk ik de deur nog eens, het is dezelfde deur waar we al jaren doorlopen om bij de lessen te komen. Ik haal nog even diep adem en daar gaan we. Door die grote, zware, bronzen deur en daarna door de donkere gang erachter. 'Nu is het alles of niets' hoor ik Nia naast mij zeggen terwijl we de hoek om lopen, ik glimlach naar hem en knik. Mijn knieën knikken terwijl we de 3e deur rechts inlopen zoals ons vertelt is.

We komen in een klein kamertje met een grote, houten tafel en twee stoelen erin er is naulijks ruimte over. Aan de andere kant van de tafel staat een spiegel. Nia ploft in de linker stoel en ik laat me in de rechter zakken. Nia doet zijn mond open om iets te zeggen maar op dat moment verschijnt er een gezicht in de spiegel 'bloedbroeders' begint het te spreken 'ik zal jullie door de test leiden' zijn stem klinkt oud en schor 'de kamer hiertegenover is jullie eerste uitdaging, luister naar je gevoel'. En het gezicht vervaagd.

Nia staat op en loopt naar de deur, ik volg hem op de voet. De deur tegenover de kamer waar we nu in staan zwaait open en we lopen door de 2e kamer in. Hier lopen we echter bijna tegen een grote, houten kast met een heleboel laadjes van verschillende formaten en materialen aan, naast de kast staat weer een spiegel. Ik loop naar de kast toe en steek mijn hand uit naar een van de vele laatjes maar trek hem gelijk weer terug, het voelt niet goed. 'We moeten het juiste laatje op gevoel vinden' denk ik hardop. Nia knikt ‘ja, kom leg je hand op de mijne, we moeten de test toch samen doen’. Dat doe ik en we gaan met onze ogen dicht langs elk laatje, ik schrik en trek mijn hand terug. ‘voelde jij dat ook?’ klinkt Nia’s stem naast mij. ‘ja, dat is ons vakje’ en ik wijs naar een klein laatje van brons. Ik schuif het laatje naar buiten en zie twee kettinkjes liggen, aan elk van de kettingkjes hangt een amulet. Nia buigt naar voren en pakt een van de amuletten 'er staat een rune op' zegt hij 'maar niet een die mij bekend is' ik pak de andere en kijk ook naar het vreemde teken dat er zo sierlijk in gegraveerd is, vaag herken ik het teken en ik graaf in mijn geheugen 'het is het teken voor tijd' vertel ik aan Nia. Ik hang mijn amulet om en activeer de rune. Ik zie de wereld vertragen en loop naar de andere kant van het kamertje dan laat ik de energie weer los 'wow' roept Nia 'je verdween opeens en nu sta je daar' 'de kracht is tijd, je kan de tijd langzamer laten gaan, en volgens mij ook alleen je lichaam. Je weet wel, flitsen' en ik flitste weer terug nu zonder de tijd te verslomen. Nia hangt ook zijn amulet om en probeert het ook. Het is vreemd om te zien hoe zij verdwijnt en verschijnt. Dat merk ik op dat de spiegel weer vervormt en er verschijnt weer een gezicht 'nu jullie de runen hebben zijn jullie klaar voor de volgende stap, ga verder naar de kamer hiernaast'
Nia is al weg als ik de rune activeer en naar de volgende deur flits. We openen de deur en stappen naar binnen. Dit keer geen klein kamertje maar een grote zaal.

‘Wapens!’ roept Nia. Dan zie ik het ook, rekken vol met zwaarden, messen, hamers en bijlen, en ook hier weer een spiegel. ‘nu moeten we dus ons wapen uitkiezen.’ Zeg ik en loop naar het rek met messen. Ik pak de eerste op maar leg hem gelijk weer terug, mijn hand is verbrand. ‘pak niet zomaar een wapen op’ waarschuw ik Nia. ‘aaaah, had je dat niet even wat eerder kunnen zeggen?’ roept Nia terug. ‘sorry, je moet weer op gevoel je juiste wapen uitzoeken… denk ik’ antwoord ik. Ik sluit mijn ogen en ga met mijn handen langs de rekken. Ja, daar is die trilling weer. Ik pak het mes op, het heeft een lang, recht lemmet gemaakt van bloedrood kristal met een scherpe punt. ‘ik heb hem’ roept Nia. ‘ik ook’ roep ik terug’. Nia komt aangelopen met een grote hamer over zijn schouder wat ik vind lijken op een groot blok graniet op een stok. ‘ha, wat moet jij nou met die tandenstoker!’ lacht hij. Ik flits achter hem en leg mijn mes op zijn nek en antwoord ‘nou, dat bijvoorbeeld’ en flits weer weg. ‘haha, erg grappig’ zegt Nia en kijkt met een frons op zijn gezicht naar de spiegel 'jullie voorbereiding is voorbij, de test begint ga naar de volgende kamer aan het einde van de gang' dus we flitsen er naartoe en gaan naar binnen, deze zaal is helemaal leeg en er staan runen in de vloer gekrast. Nia trekt langzaam wit weg ‘dat zijn runen om geesten op te roepen’ zegt hij. En op het moment dat hij stopt met praten beginnen de runen te gloeien en verschijnt er langzaam een vage vorm in de lucht boven de cirkels.
Drakenhart

Nadat de draak dood is vervaagt hij langzaam, eerst de huid, de spieren, organen en de botten, alles vergaat in een grote stofwolk. Nia staat naast mij ‘zo, dat hebben we ook weer gehad’ zegt hij. ‘ja, en ik hoop dat ik het niet nog een keer hoef te doen’ antwoord ik. Toen de draak volledig weg was begonnen de runen om de cirkel weer te gloeien. Mijn hand ging automatisch naar mijn mes en ook Nia pakte zijn hamer. Er verscheen weer een vage vorm boven de cirkel. Toen de vorm weer solide begon te worden zagen we dat het een demon was. ‘hallo, ik ben Tamara’ zegt de demon. ‘Ik ben van de magische cirkel en ik ben jullie begeleider’.
‘dus wij worden magiërs’ constateert Nia. ‘ja, maar wel allebei verschillend’. ‘ik snap er niks van’ zeg ik. ‘geloof me Tzam, dat komt vanzelf’ zegt Tamara. En ze loop weg. Wij flitsen achter haar aan met een hoofd vol vragen, maar we weten dat we er geen antwoord op zouden krijgen als we ze zouden vragen.
Cool.......:)
We stijgen op en beginnen aan de lange, vermoeiende reis die voor ons ligt. Tijdens het draven vragen we aan Tamara wat magie inhoud 'magie is de controle van de kracht die wij demonen lang geleden als geschenk van de draken gekregen hebben. Oorspronkelijk waren er alleen bloedmagiers, maar later waren er demonen die zich niet intereseerden in de kunsten van alle elementen en focusden zich op één van de vijf' was het antwoord dat we kregen. 'hoe werkt magie?' Hoor ik Nia zeggen en ik kijk hem aan ‘sluit je ogen en open je bewustzijn, leer te zien zonder te kijken en leer te horen zonder te luisteren', zegt Tamara terwijl ze meebeweegt met de gelijkmatige tred van haar Aughar -de grote, hondachtige wezens die de Demonen als rijdier gebruiken-  Ik doe mijn ogen dicht en maak mijn hoofd leeg. Ik graaf naar mijn binnenste en trek me geschrokken terug, een grote kolkende oceaan van wilde, ruwe kracht. Onbewust begin ik in gedachten tegen Nia te praten 'kijk uit!' pas als ik Nia’s stem in mijn hoofd hoor antwoorden 'waarvoor?' open ik mijn ogen 'waarvoor?' Herhaalt Nia, nu hardop en kijkt me nietbegrijpend aan 'voor de magie, het zag er gevaarlijk uit' 'dat komt omdat je nog niet geleerd hebt om die te besturen, te temmen als het ware' legt Tamara uit 'en Tzam, ik denk dat je net aan het seinen was met Nia, dat zal wel makkelijker gaan door jullie bloedband' 'wat is seinen dan? Vraagt Nia 'seinen is het in gedachten overbrengen van spraak, beelden, gedachten en gevoelens, normaal hoor je dat pas te leren in je tweede jaar in de toren maar ik denk dat het bij jullie makkelijker gaat door jullie natuurlijke verbinding met de magie die jullie verkregen hebben tijdens het bloedritueel'. We zijn inmiddels aangekomen bij de toren. We stijgen af en binden de Aughar vast aan de beugels naast de stallen.

Reageer