Meer hulp Meldknop.nl Bel gratis en anoniem 0800 - 0432 of chat
13-18

•BEROEPEN TEST•

  • 10 maart 2015
  • 43 reacties
  • 1902 Bekeken


Toon eerste bericht

43 reacties

@schatje = 

 Schrijver

Jij houd heel veel van lezen en schrijven.
Mensen noemen jou ook wel eens een boekenwurm.
Je bent goed in spelling, je hebt veel fantasie en je kunt jouw ideeën goed op papier zetten! Beroepen als schrijver, journalist of redacteur bij een magazine of website passen het beste bij jou!

Greetzz
@OOOanoniepjeOOO =

Ambulancebroeder of dokter

Altijd help jij waar het nodig is.
Verder ben je oplettend, verzorgend, stressbestendig en kun je goed tegen bloed.  Is er een klein meisje van haar fiets afgevallen, dan ben jij de eerste die naar haar toe gaat. Later zou je best nog wel eens dokter, ambulancebroeder of verpleegster kunnen worden.
Jongens & Meisjes die hierop hebben geantwoord!;)

Mag ik jullie wel even op het hart drukken dat de antwoorden die ik hier geef NIET altijd kloppen!
Dit is meer een ingeving... wees dus niet teleurgesteld als jou Gedachte antwoord er niet is uitgekomen...
Je kan ALTIJD worden wat je zelf wil!

Greetz
1. Welk van de volgende activiteiten vind jij het leukst om te doen?

A Muziek maken.
B Verhalen schrijven.
C Iemand helpen.
D Bijles geven.

2. Wat doe je als een klein meisje van haar fiets is gevallen?

A Je verteld haar dat ze de voortaan beter niet langs de stoep kan fietsen.
B Je zingt een liedje om het meisje op te vrolijken.
C Je maakt haar schaafwond schoon en plakt er een plijster op.
D Je schrijft er een mooi gedicht over.

3. Welke van de volgende eigenschappen passen het best bij jou?

A Verzorgen
B Creatief
C Geduld
D Vol fantasie

4. Je vriend(in) snapt helemaal nisk van biologie. Wat doe je?

A Je legt haar de opdrachten stap voor stap uit.
B Je schrijft voor haar een duidelijke samenvatting
C Je maakt een toneelstukje over hoe het hart werkt
D Je maakt voor haar even de opdrachten, Zo makkelijk!

5. Wanneer voel jij je het gelukigst?

A Als je op het podium staat.
B Als je iemand goed geholpen hebt.
C Als je een mooi stuk hebt geschreven.
D Als je iemand goed hebt kunnen helpen

6. Je zit in de bus en ziet een oude vrouw stilletjes huilen, wat doe je?

A Je fantaseert over wat ze allemaal heeft meegemaakt.
B Je vraagt of alles wel goed gaat.
C Je blijft gewoon op je plaats zitten en bemoeid je er niet mee.
D Je vrolijkt haar op met een leuke mop.

7. Voor school moet je ergens gaan stage lopen. Waar ga jij stage lopen?

A Naar mijn (oude) bassischool.
B Naar het ziekenhuis.
C Naar het theater.
D Naar een uitgever.

8. Wat is jouw lievelingsvak?

A Muziek.
B Nederlands.
C Ik vind alle vakken even leuk.
D Biologie.

9. Werk jij graag samen?

A Nee, ik werk het liefste in mijn eentje.
B Nee, maar assestentie is af en toe wel prettig!
C Ja, want dan kan je van elkaar leren!
D Ja, want dan kan je elkaar inspirieren.

10. Vind je het belangerijk om later veel geld te verdienen? (Yeahhh laatste vraag!!)

A Nee, als ik maar een leuk huis kan kopen en voor me kinderen zorgen.
B Nee, als mijn werk maar gewaardeerd word!
C Ja, ik wil later wel een grote villa hebben!
D Ja, dan kan ik de hele wereld overeizen ter insperatie!

Ik ben benieuwd!
1. Welk van de volgende activiteiten vind jij het leukst om te doen?

A Muziek maken.
B Verhalen schrijven.
C Iemand helpen.
D Bijles geven.

2. Wat doe je als een klein meisje van haar fiets is gevallen?

A Je verteld haar dat ze de voortaan beter niet langs de stoep kan fietsen.
B Je zingt een liedje om het meisje op te vrolijken.
C Je maakt haar schaafwond schoon en plakt er een plijster op.
D Je schrijft er een mooi gedicht over.

3. Welke van de volgende eigenschappen passen het best bij jou?

A Verzorgen
B Creatief
C Geduld
D Vol fantasie

4. Je vriend(in) snapt helemaal nisk van biologie. Wat doe je?

A Je legt haar de opdrachten stap voor stap uit.
B Je schrijft voor haar een duidelijke samenvatting
C Je maakt een toneelstukje over hoe het hart werkt
D Je maakt voor haar even de opdrachten, Zo makkelijk!

5. Wanneer voel jij je het gelukigst?

A Als je op het podium staat.
B Als je iemand goed geholpen hebt.
C Als je een mooi stuk hebt geschreven.
D Als je iemand goed hebt kunnen helpen

6. Je zit in de bus en ziet een oude vrouw stilletjes huilen, wat doe je?

A Je fantaseert over wat ze allemaal heeft meegemaakt.
B Je vraagt of alles wel goed gaat.
C Je blijft gewoon op je plaats zitten en bemoeid je er niet mee.
D Je vrolijkt haar op met een leuke mop.

7. Voor school moet je ergens gaan stage lopen. Waar ga jij stage lopen?

A Naar mijn (oude) bassischool.
B Naar het ziekenhuis.
C Naar het theater.
D Naar een uitgever.

8. Wat is jouw lievelingsvak?

A Muziek.
B Nederlands.
C Ik vind alle vakken even leuk.
D Biologie. 

9. Werk jij graag samen?

A Nee, ik werk het liefste in mijn eentje.
B Nee, maar assestentie is af en toe wel prettig!
C Ja, want dan kan je van elkaar leren!
D Ja, want dan kan je elkaar inspirieren.

10. Vind je het belangerijk om later veel geld te verdienen? (Yeahhh laatste vraag!!)

A Nee, als ik maar een leuk huis kan kopen en voor me kinderen zorgen.
B Nee, als mijn werk maar gewaardeerd word!
C Ja, ik wil later wel een grote villa hebben!
D Ja, dan kan ik de hele wereld overeizen ter insperatie! 
Ik hou het meest van dieren en planten enz, of ik help mensen graag.
1. Welk van de volgende activiteiten vind jij het leukst om te doen?
A Muziek maken.
B Verhalen schrijven.
C Iemand helpen.
D Bijles geven.

2. Wat doe je als een klein meisje van haar fiets is gevallen?
A Je verteld haar dat ze de voortaan beter niet langs de stoep kan fietsen.
B Je zingt een liedje om het meisje op te vrolijken.
C Je maakt haar schaafwond schoon en plakt er een plijster op.
D Je schrijft er een mooi gedicht over.

3. Welke van de volgende eigenschappen passen het best bij jou?
A Verzorgen
B Creatief
C Geduld
D Vol fantasie

4. Je vriend(in) snapt helemaal nisk van biologie. Wat doe je?
A Je legt haar de opdrachten stap voor stap uit.
B Je schrijft voor haar een duidelijke samenvatting
C Je maakt een toneelstukje over hoe het hart werkt
D Je maakt voor haar even de opdrachten, Zo makkelijk!

5. Wanneer voel jij je het gelukigst?
A Als je op het podium staat.
B Als je iemand goed geholpen hebt.
C Als je een mooi stuk hebt geschreven.
D Als je iemand goed hebt kunnen helpen

6. Je zit in de bus en ziet een oude vrouw stilletjes huilen, wat doe je?
A Je fantaseert over wat ze allemaal heeft meegemaakt.
B Je vraagt of alles wel goed gaat.
C Je blijft gewoon op je plaats zitten en bemoeid je er niet mee.
D Je vrolijkt haar op met een leuke mop.

7. Voor school moet je ergens gaan stage lopen. Waar ga jij stage lopen?
A Naar mijn (oude) bassischool.
B Naar het ziekenhuis.
C Naar het theater.
D Naar een uitgever.

8. Wat is jouw lievelingsvak?
A Muziek.
B Nederlands.
C Ik vind alle vakken even leuk.
D Biologie.

9. Werk jij graag samen?
A Nee, ik werk het liefste in mijn eentje.
B Nee, maar assestentie is af en toe wel prettig!
C Ja, want dan kan je van elkaar leren!
D Ja, want dan kan je elkaar inspirieren.

10. Vind je het belangerijk om later veel geld te verdienen? (Yeahhh laatste vraag!!)
A Nee, als ik maar een leuk huis kan kopen en voor mijn kinderen zorgen.
B Nee, als mijn werk maar gewaardeerd word!
C Ja, ik wil later wel een grote villa hebben!
D Ja, dan kan ik de hele wereld overeizen ter insperatie!

Ben benieuwd wat voor beroep je in gedachten hebt voor me, ik heb zelf al een goed beeld van een beroep, maar die zal ik nog even voor mezelf houden ;)

xx LI-EF
Badge
1. Welk van de volgende activiteiten vind jij het leukst om te doen?
C Iemand helpen.


2. Wat doe je als een klein meisje van haar fiets is gevallen
C Je maakt haar schaafwond schoon en plakt er een plijster op.


3. Welke van de volgende eigenschappen passen het best bij jou
B Creatief
D Vol fantasie


4. Je vriend(in) snapt helemaal niks van biologie. Wat doe je?
A Je legt haar de opdrachten stap voor stap uit.


5. Wanneer voel jij je het gelukigst?
B Als je iemand goed geholpen hebt.


6. Je zit in de bus en ziet een oude vrouw stilletjes huilen, wat doe je?
B Je vraagt of alles wel goed gaat.


7. Voor school moet je ergens gaan stage lopen. Waar ga jij stage lopen?
A Naar mijn (oude) bassischool.


8. Wat is jouw lievelingsvak?
A Muziek.


9. Werk jij graag samen?
B Nee, maar assestentie is af en toe wel prettig!


10. Vind je het belangerijk om later veel geld te verdienen? (Yeahhh laatste vraag!!)
D Ja, dan kan ik de hele wereld overeizen ter insperatie!
1=C
2=C
3=B
4=A
5=B
6=B
7=A of B
8=D
9=B
10=A
B,A,D,A,B,B,D,D,A,D
1. Welk van de volgende activiteiten vind jij het leukst om te doen?

A Muziek maken.
B Verhalen schrijven.
C Iemand helpen
D Bijles geven.

2. Wat doe je als een klein meisje van haar fiets is gevallen?

A Je verteld haar dat ze de voortaan beter niet langs de stoep kan fietsen.
B Je zingt een liedje om het meisje op te vrolijken.
C Je maakt haar schaafwond schoon en plakt er een plijster op.
D Je schrijft er een mooi gedicht over.

3. Welke van de volgende eigenschappen passen het best bij jou?

A Verzorgen
B Creatief
C Geduld
D Vol fantasie

4. Je vriend(in) snapt helemaal nisk van biologie. Wat doe je?

A Je legt haar de opdrachten stap voor stap uit.
B Je schrijft voor haar een duidelijke samenvatting
C Je maakt een toneelstukje over hoe het hart werkt
D Je maakt voor haar even de opdrachten, Zo makkelijk!

5. Wanneer voel jij je het gelukigst?

A Als je op het podium staat.
B Als je iemand goed geholpen hebt.
C Als je een mooi stuk hebt geschreven.
D Als je iemand goed hebt kunnen helpen

6. Je zit in de bus en ziet een oude vrouw stilletjes huilen, wat doe je?

A Je fantaseert over wat ze allemaal heeft meegemaakt.
B Je vraagt of alles wel goed gaat.
C Je blijft gewoon op je plaats zitten en bemoeid je er niet mee.
D Je vrolijkt haar op met een leuke mop.

7. Voor school moet je ergens gaan stage lopen. Waar ga jij stage lopen?

A Naar mijn (oude) bassischool.
B Naar het ziekenhuis.
C Naar het theater.
D Naar een uitgever.

8. Wat is jouw lievelingsvak?

A Muziek.
B Nederlands.
C Ik vind alle vakken even leuk.
D Biologie.

9. Werk jij graag samen?

A Nee, ik werk het liefste in mijn eentje.
B Nee, maar assestentie is af en toe wel prettig!
C Ja, want dan kan je van elkaar leren!
D Ja, want dan kan je elkaar inspirieren.

10. Vind je het belangerijk om later veel geld te verdienen? (Yeahhh laatste vraag!!)

A Nee, als ik maar een leuk huis kan kopen en voor me kinderen zorgen.
B Nee, als mijn werk maar gewaardeerd word!
C Ja, ik wil later wel een grote villa hebben!
D Ja, dan kan ik de hele wereld overeizen ter insperatie!
4 moest a zijn 
1. Welk van de volgende activiteiten vind jij het leukst om te doen?

C Iemand helpen.

2. Wat doe je als een klein meisje van haar fiets is gevallen?

A Je verteld haar dat ze de voortaan beter niet langs de stoep kan fietsen.
B Je zingt een liedje om het meisje op te vrolijken.
C Je maakt haar schaafwond schoon en plakt er een plijster op.

3. Welke van de volgende eigenschappen passen het best bij jou?

B Creatief

D Vol fantasie

4. Je vriend(in) snapt helemaal nisk van biologie. Wat doe je?

A Je legt haar de opdrachten stap voor stap uit.

5. Wanneer voel jij je het gelukigst?

B Als je iemand goed geholpen hebt.

D Als je iemand goed hebt kunnen helpen

6. Je zit in de bus en ziet een oude vrouw stilletjes huilen, wat doe je?

A Je fantaseert over wat ze allemaal heeft meegemaakt.
B Je vraagt of alles wel goed gaat.

7. Voor school moet je ergens gaan stage lopen. Waar ga jij stage lopen?

D Naar een uitgever.

8. Wat is jouw lievelingsvak?

Engels

9. Werk jij graag samen?


B Nee, maar assestentie is af en toe wel prettig!

10. Vind je het belangerijk om later veel geld te verdienen? (Yeahhh laatste vraag!!)

A Nee, als ik maar een leuk huis kan kopen en voor me kinderen zorgen.
B Nee, als mijn werk maar gewaardeerd word!
C Ja, ik wil later wel een grote villa hebben!
D Ja, dan kan ik de hele wereld overeizen ter insperatie!
alle 4 eig wel
1ac
2c
3allemaal
4ac
5abd
6b
7bc het liefst bij dylan haegens
8c behalve nl en bio komt door de leraren
9a meestal cd soms
10abd
sorry an slecht kiezen
1ac
2c
3allemaal
4ac
5abd
6b
7bc het liefst bij dylan haegens
8c behalve nl en bio komt door de leraren
9a meestal cd soms
10abd
kan slecht kiezen sorry
1) c
2) c
3) b
4) c
5) a
6) b
7) c
😎 c
9) c
10) a
1. A
2. C
3. A
4. A
5. D
6. B
7. B
8. A
9. A
10.D
liever geen lerares ik wil graag een dieren cafe runnen 
maar als ik toch lerares wordt dan het liefst voor groep 1,2

Reageer